Nieuws

Fosfaatrechten verdwijnen… of toch niet? Ontdek wat de toekomst van deze regeling voor melkveehouders écht betekent.

 

Hoe lang houden we nog fosfaatrechten?
Deze vraag komt regelmatig langs als wij sparren met (melk)veehouders. Het antwoord is natuurlijk politiek en daarmee wel een beetje onvoorspelbaar. Maar laten we eens verder kijken…

Hoe was het ook alweer?  

Toen in 2015 het Europese melkquotum werd afgeschaft, zagen veel ondernemers eindelijk weer ruimte om flink te kunnen groeien. Grotere stal, meer koeien, meer melk en, helaas, ook meer mest. Nederland overschreed al snel het nationale fosfaatplafond. Dit plafond vormde een harde grens van de Europese Commissie aan de Nederlandse derogatie. Het antwoord werd gevonden in de invoering van het stelsel van fosfaatrechten in de Meststoffenwet. In het kort:

= Elke melkveehouder kreeg fosfaatrechten op basis van het aantal dieren per 2 juli 2015;
= Niet-grondgebonden bedrijven kregen daarbij een korting van 8,3%;
= Rechten zijn verhandelbaar, maar worden voor 10% (inmiddels 30%) afgeroomd (niet bij familie);
= De overheid kan een generieke korting invoeren als het fosfaatplafond dreigt te worden overschreden;

Er is in de wet geen einddatum. De minister van Landbouw liet in 2017 de Tweede Kamer echter weten dat het een tijdelijke regeling is en dat zij 1 januari 2028 een realistische einddatum vond, omdat met de loop van 10 jaar de mestproductie weer in lijn zou komen met de afzetruimte. Daarmee zijn fosfaatrechten tijdelijk en dus ook fiscaal afschrijfbaar geworden.

Nu we al enkele jaren voldoen aan de doelstelling van het fosfaatplafond, zou dat een reden kunnen zijn om het stelsel af te schaffen per 1 januari 2028. In het huidige tijdgewricht kunnen we wel stellen dat we qua fosfaat lijken te voldoen aan het plafond en de ruimte. Voor stikstof (een ander element in mest) is dat geheel anders. De mestmarkt is zwaar overspannen door een overaanbod aan mest ten opzichte van de beschikbare ruimte.

Regeerakkoord

Als het regeerakkoord wordt uitgevoerd, is van een afschaffing voorlopig geen sprake. De minderheidsregering heeft het voornemen om de wettelijke basis voor dier- en fosfaatrechten te regelen. En, misschien nog wel belangrijker, uit te breiden naar kalveren en geiten. Er komt een verbreding van de juridische grondslag: niet meer op basis van de mestproductieplafonds, maar op basis van een ander argument.

Het is zelfs zo dat zij zich hebben voorgenomen de afromingspercentages te herzien. Tot slot, als kers op de taart, zou het zo kunnen zijn dat er in de toekomst nog een generieke korting komt als de stikstofdoelen niet worden gehaald.

Onze conclusie is dat de sector voorlopig niet af is van dier- en fosfaatrechten. Sterker nog: er komen nog soorten bij, terwijl hogere kortingen op de loer liggen.